Zwijmelen op zaterdag 128





Al zoekend naar een nieuwe zwijmel struikelde ik over deze hit uit 1991. Ik ben er een tijdje dol op geweest. Nu weet ik dat niet meer zo zeker. Nou ja. Oordelen jullie zelf maar.

Fijn weekend, lieve zwijmelaars.

Verdelen

Ook al waren wij onze relatie op een heel traditionele manier gestart en stonden de taken min of meer vast (zie autobiografietjes), we hebben in de loop der jaren wel geleerd om de bakens te verzetten. Wat in de jaren zeventig onvoorstelbaar was geweest en totaal niet bij ons paste, bleek eind jaren negentig een prima oplossing te zijn. Deels uit noodzaak en deels omwille van de uitdaging ruilden wij van rol binnen onze patronen. Het was een avontuur. Ik schreef er hier en hier al eerder over.
Manlief ging de boer op en ik solliciteerde naar een vaste baan. Intussen probeerden onze jongste twee zonen de puberteit te overleven. Dat ging niet zonder slag of stoot, neem dat maar van mij aan.
Gek genoeg kon ik mezelf redelijk loskoppelen van de dagelijkse beslommeringen, al was dat 22 jaar mijn vaste ritme geweest. Puur door de werkdruk en het nieuwe van een fulltimebaan was er gewoon geen ruimte om nog te piekeren over huishoudelijke dingen. Er ontstond een heel nieuw ritme. Robbert deed de boodschappen en kookte vijf van de zeven dagen. Hij ving de jongens op en liet de honden uit. Intussen netwerkte hij zich een slag in de rondte.
Ik vertrok op mijn brommertje naar de hypotheekbank en was gevloerd tegen de tijd dat ik thuis kwam. Wat een contrast met het thuismoederschap.
We kregen steeds meer begrip voor elkaars positie, al moesten daar echt wel wat gesprekken voor worden gevoerd. Er was één jaar waarin ik triomfeerde en zowaar meer verdiend heb dan hij. Een unicum. In 1998 mocht ík namelijk de hypotheekrente als aftrekpost invullen. Ik heb daar enorm van genoten. Een jaar later was de business booming en verdiende hij weer meer dan ik. Maar ik had mijn momentje van glorie toch maar mooi binnen.

Kijk bij Plato voor de andere invullingen van deze schrijfuitdaging.

Toe nou

Toe nou mensen. Kom nou kijken. Het krentenboompje in de voortuin bloeit. Peer en appel staan op springen. Varens liggen klaar om zich uit te rollen. De magnolia is zo mooi en de forsythia is nog geel. Schiet nou op. Er is een eend bezig met het bouwen van een nest tussen de pachysandra's. Straks hebben we kuikens in de vijver. Het is één groot lentefeest in de tuin. Hoe kunnen jullie nou niet verliefd worden op deze stek?

Ontluiken - wijsheid

De invalshoek van deze maand vul ik in met een gescande foto uit 1992. 
Onze dochter van 16 lentes vertolkt het ontluiken.
Mijn vader van 70 staat voor de wijsheid. 
Samen zijn ze al decennia twee handen op één buik. 
Hier hebben ze dikke pret. 
Dat is wel duidelijk.

Slurven

Geheel nieuwe wijze van surfen
Je moet het toevallig maar durven
't Is dubbele pret
Van retteketet
Voorlopig noem ik dit spel “slurven”

Zwijmelen op zaterdag 127





Nog een keertje Timi. Voor manlief als dank voor zijn lieve vakantiegastblogjes.
Ik wens jullie een heerlijk weekend.

Kabouters in bad

Verzoeknummer van een blogmaatje

Vakantiegastblog 2

Frankrijk, u kent het wel. Dorpjes met de standaard jeu-de-boul banen waar oud en jong staan te spelen, terwijl vanaf de terrasjes om het plein wordt toegekeken door de beste stuurlui. Hier geen hogere prijzen (zoals in Parijs) wanneer je toevallig vooraan zit. Nee, het tegendeel. Twee drankjes voor een paar euro. Wat een verschil met die woekerprijzen in de toeristische centra en langs de tolwegen. En ja, zo kwamen we bij het hotel waar ik het eigenlijk over wilde hebben.

Door de plaatselijke VVV werden we verwezen naar een prachtig hotel op de berg. (ik had om meer luxe gevraagd) Maar u begrijpt het al. Vol! Als we iets verder de berg op reden, was er nog een mogelijkheid tot overnachten. Zo gezegd, zo gedaan.
Nou, dat zag er niet slecht uit. We namen de lift naar boven om bij de receptie te komen. Er bleek nog een kamer vrij te zijn. Een zolderkamer. Het was laat en we hadden geen zin meer om de berg weer af te dalen. Het bleek een enorme meevaller. Het was zelfs een soort appartement, waar ik met mijn lengte goed uit de voeten kon. Geen houten schot aan het voeteneinde van het bed. Prima.
We moesten ons tussen 18:00 en 18:15 uur melden bij de eetzaal. Dat was een van de huisregels. Daar kregen we een tafeltje toegewezen wat onze vaste stek zou blijven. Linnen servetten in een envelop met ons kamernummer erop lagen naast ons bord. Ik vroeg om een menukaart. Die hadden ze niet. Eten wat de pot schaft. We konden alleen kiezen tussen vlees of vis. Take it or leave it.
Ik ben een veeleisend figuur en wilde meteen vertrekken. Mar, die mij altijd bij de tijd houdt, vond het prachtig. Oké accepteren dan maar.
De eigenaresse stond samen met haar moeder in de keuken. Ze leek ontzettend op tante Sidonia en zo blijven wij haar ook noemen. Ze kon heerlijk koken. Soep vooraf en pudding toe. Bij de ingang hing een bord met de gerechten voor de volgende dag. Na afloop gingen onze servetten weer terug in de envelop. Veel gasten gingen nog even wandelen. Wij waren daar te lui voor. Een goed boek, drankje erbij en je komt de avond wel door.

We lagen ongeveer een uur te slapen toen het brandalarm afging. Vanuit het dakraam was nog niets alarmerends te zien. Ik ging op de gang kijken wat er aan hand was. Trap af (geen lift gebruiken!) en op de lagere etages rondneuzen. Ik kwam andere gasten in pyjama tegen. Zij wisten ook niet wat er aan de hand was. Op de parterre kwam ik de brandweer tegen. Vals alarm. Op de terugweg naar boven alle gasten hierover ingelicht, want tante Sidonia was te gestrest. De rust keerde weer.
Kom ik op de kamer staat Mar daar aangekleed en wel met de hoogstnoodzakelijke spullen, zoals geld, paspoorten, reispapieren, een deken, etc. Ze had het dakraam als vluchtroute in het vizier en wachtte rustig af. Hoe nuchter kun je zijn?

De volgende dag verkenden we de omgeving en besloten om nog een paar dagen bij te boeken in Sidonia's hotel, hoe kneuterig het ook was. Nu kijken we nog steeds terug op die aparte, soms gekke, bestemmingsloze reizen van ons. Picknicken in weilanden, Mar vertrouwen als ze me dwars door een bos heen stuurt over een zanderig hobbelpaadje. “Het staat op de kaart, dus geloof me maar.” Nee, een routeplanner hadden we nog niet, op Mar na. Ik dacht echt dat we van de kaart zouden vallen. Ach, wat hebben we genoten.
Daarom is het zo fijn als er weer eens een moment is waarop we mijmeren “weet je nog? … hoe zalig was het daar … wat een armoe was die kamer”. Het zijn die momenten in ons leven die niemand ons kan afnemen.

Vakantiegastblog 1

Binnenkort is het weer zover. De vakantietijd breekt aan. Van de week hadden Mar en ik het er nog over. Even terugblikken. Zo van “weet je nog …. ach dat was apart ... wat was het daar mooi.”
Maar goed, eerst even vertellen hoe wij onze toenmalige tripjes hadden voorbereid.... Helemaal niet. Ja, we wisten het land, de streek en diverse bijzonderheden daar. Verder niets.

Het was 2001 en de bestemming was de Elzas. Koffers gepakt, auto ingeladen en rijden maar. Geen slaapadres voor die avond of voor alle andere nachten. Dat maakte het zo leuk. We zien wel. Geen gejakker over de autobanen, maar heerlijk rustig over landelijke wegen. Dus genieten vanaf het moment dat je vertrekt. 's Middags tegen een uur of vier gingen we op zoek naar een slaapgelegenheid. Overal natuurlijk dezelfde vraag: “Heeft u geboekt?” Nee, natuurlijk niet, maar dat konden zij niet weten. Menigmaal was er geen plaats en moesten we verder zoeken. Om jullie gerust te stellen, we hebben altijd wel wat gevonden. En dat maakte onze manier van reizen zo bijzonder. Soms heel spannend. Als je tegen een uur of zes nog geen plek hebt gevonden, denk je dat het nooit meer goed komt. Maar ach, hoe later het wordt, hoe minder noten je op je zang hebt. Je accepteert iedere gelegenheid.

Ik ben twee meter lang en stel dus de nodige eisen aan de kamer en vooral aan het bed. In veel hotels hebben ze nog bedden van een meter negentig met een plank aan het voeteneind. Zie je het voor je? Kussens opgestapeld aan het eind zodat mijn benen kunnen uitsteken om maar niet de hele nacht krom te moeten liggen. Ach, wat hebben we gelachen. Om dan maar niet te spreken over de zolderkamers met een schuin dak. Maar ja, als het inmiddels half zeven is en de laatste kans doet zich voor, wat doe je dan? Accepteren. En dan blijkt eens te meer, het hoeft niet altijd luxe te zijn met een receptie en een nachtportier. Juist in deze kleine gelegenheden waar mamma nog in de keuken staat, werden we gastvrij ontvangen. “U heeft nog niet gegeten? Geeft niet, we maken wel wat voor u klaar.” Of, en dat gebeurde ook, de keuken was die dag gesloten, maar we konden altijd ergens in het dorp gaan eten op voorspraak van het hotel en kregen de huissleutels mee. We hebben meegemaakt dat we daarmee alles konden openen. De privévertrekken, bar, etc. Hoezo vertrouwen? De volgende ochtend ontbijten in een mini eetzaal. Daar ontmoet je dan gelijkgestemden. Geen poeha of kapsones. Mensen zoals wij. Genieten van de kleine dingen van het leven (die heel groot blijken te zijn). Koeien die door de straat lopen, een smid die een paard beslaat of gewoon een uitzicht om in te lijsten. Allemachtig. We zijn nog maar onderweg. De Elzas is bijna in zicht.

Schakel


Ik heb nu de schakel gevonden
Waarmee aap en mens zijn verbonden
Van harig naar glad
Zo simpel is dat
We kunnen de kwestie afronden

Zwijmelen op zaterdag 126






Een hit uit 1961. Helen was toen 15 jaar. Ik was 6. Een zalige stem heeft ze.

Fijn weekend. Geniet van het mooie weer.

Gescande herinneringen

Mam 1954
(ik was in de maak)

In 1965 kregen we dit op school uitgereikt

1967 Heel trots op mijn oorkonde

Jaar van de lustra


Buiten het feit dat ik rum lust, staat 2015 bol van de lustra.
Een bijzonder jaar.

Deze week wonen we hier 10 jaar.
Mijn 60ste verjaardag hebben we net achter de rug.
Op 28 april zijn we 40 jaar getrouwd.
In juni wordt mijn (v)echtgenoot 65.
En ik blog in november 5 jaar.
In de jaren daarvoor schreef ik via hyves, maar dat is ter ziele gegaan.

Remmen


Een landing op kwetsbare gronden
Is altijd aan regels gebonden
Rem keurig op tijd
Dan krijg je geen spijt
Zo vallen er ook geen gewonden

Zwijmelen op zaterdag 125






Natuurlijk krijgt mijn vorige blogberichtje een toepasselijke zwijmelbijdrage.
Ik wens jullie een vrolijk paasweekend.

Kleinkind onderweg

Ja, ik heb een nieuwtje voor jullie. Over zes maanden worden we weer opa en oma. Nu zorgde onze middelste zoon voor de verrassing. Hij heeft zijn lieve vriendin uit de Zaanstreek ontvoerd en Tilburgse gemaakt. Stiekem werd de kleine verstekeling meeverhuisd. We zijn zo blij.
In vergelijk hiermee vallen open huisjes in het niet.
We focussen nu op “goofje” en laten de verkoopperikelen eventjes los.
Komend weekend gaan we navelstaren, want ze komen met z'n drietjes naar ons toe.

Speelgoed

Alles verandert, zelfs in de speelgoedwereld


Kater

Soms drink je iets sterkers dan water
Gevolgen die merk je dan later
De nacht gaat oké
Maar 's ochtends, o jee
Dan is er ineens toch die kater

Zwijmelen op zaterdag 124




De eerste past wel bij ons “open huis” van vandaag.
De tweede kwam vorige week langs bij “Twee voor twaalf”.





Vergeten jullie de zomertijd niet?
Fijn weekend zwijmelaars.

Evenaren

Voor mij weegt niets op tegen harmonie, trouw en bestendigheid. Ik kan ondernemende avonturiers erg waarderen en heb respect voor mensen die radicaal het roer omgooien, zolang ze mij m'n heerlijk voorspelbare, gezapige leventje gunnen. Kijk niet medelijdend naar mijn saaie huismussenbestaan en doe alsjeblieft niet denigrerend. Ik mag dan geen uitblinker zijn, maar ik mag er wel zíjn!

Of het nou mijn keuze voor het thuismoederschap in de jaren 70 betrof of de manier waarop ik me heb neergelegd bij mijn fysieke tekortkomingen in het afgelopen decennium, er stonden altijd wel mensen meewarig of afkeurend te kijken. Ik schijn me voortdurend te moeten verdedigen en dat ben ik beu.
Waarom hebben sommigen zoveel moeite met andermans keuzes? Soms is het net alsof ze zo lang aan een korstje blijven peuteren tot het wondje weer gaat bloeden. Ze vragen het hemd van je lijf en blijven je maar bestoken met kritische opmerkingen. “Hoe kan je daar nu tevreden mee zijn? Vlieg je niet tegen de muren? Verveel je je niet te pletter? Wil je geen zinnige bijdrage leveren aan de maatschappij?” Dát soort peuteren bedoel ik.

Het is verdulleme toch geen wedloop? Ik laat me niet gek maken of opjutten, maar soms erger ik me kapot. Natuurlijk kan ik niet tippen aan sporters, klussers en wereldreizigers. Dat wil ik ook helemaal niet.
“Waar ligt dan mijn ambitie?”
Nou, heel simpel: die heb ik niet.
Behalve ons huwelijk, de (klein)kinderen, sommige familieleden, goede vrienden en blogmaatjes zijn er weinig mensen die mijn aandacht krijgen. Ik stop energie in die relaties. Bij spelletjes vind ik het niet eens erg om te verliezen. Dat schijnt ook een minpuntje te zijn. Ach, eigenlijk ben ik redelijk uniek. Ik heb heel weinig nodig.
Het lukt vast niemand om net zo tevreden te zijn als ik.

Bij Plato vind je de andere invullingen van dit WE thema.

Ogenblik


Die uilenblik lijkt wel fixerend
Het werkt bijna hypnotiserend
Of kijkt hij verbaasd
Dan zit ik ernaast
Geef toe, het is wel fascinerend

Zwijmelen op zaterdag 123







Pure nostalgie.
Wie kent het nog?
Zwijmelen jullie mee de lente in?
Fijn weekend allemaal.

Raar


Jim tekent verwarrende dingen
Ik moet mezelf even bedwingen
En raak in de war
Dit is toch bizar
Wat moet ik hier over gaan zingen

Het stelletje staat daar te kijken
Naar iets dat wel handig moet lijken
Ook zien ze een voet
Maar wat die daar doet
Dat zal later nog moeten blijken